Dutch HR services market 2026: cautious optimism in a sector under pressure

Pieter de Vries
Partner, Managing DirectorSummary in English
The Dutch HR services market enters 2026 with cautious optimism. While most companies expect revenue growth, the Flexmarkt Barometer 2026 shows that this growth appears to be driven largely by higher tariffs rather than volume. At the same time, investment appetite remains strong, with AI, automation and digitalisation emerging as key priorities across the sector.
The research also highlights clear differences between market participants. Smaller, more agile businesses tend to be more optimistic about their future prospects, while larger organisations face increasing pressure from regulation, compliance requirements and rising costs. As a result, competitiveness is becoming less dependent on scale alone and more on adaptability, technology adoption and specialist expertise.
Against a backdrop of labour shortages, regulatory change and ongoing margin pressure, the Dutch HR services market continues to evolve. For investors and strategic buyers, these factors are increasingly important in assessing long-term value creation in the Dutch HR services market.
FULL ARTICLE IS IN DUTCH ONLY | IN COOPERATION WITH INDUSTRY MAGAZINE FLEXMARKT
De Nederlandse flexbranche verwacht in 2026 gematigde omzetgroei. Maar de verwachtingen zijn erg wisselend. De tarieven zullen waarschijnlijk verder stijgen, terwijl het aantal ingezette flexbedrijven onder druk staat. Bedrijven blijven investeren, vooral in AI. Vaak met als doel om gezonde marges te behouden. Opvallend is dat kleinere bedrijven een stuk optimistischer zijn dan grote spelers in de branche.
Analyse op basis van het jaarlijks onderzoek waaraan 93 Nederlandse flexbedrijven hebben deelgenomen, uitgevoerd in het kader van de Flexbarometer 2026.
Meerderheid verwacht groei, maar een kwart rekent op krimp Een ruime meerderheid van de flexbedrijven verwacht omzetgroei in 2026 (ten opzichte van 2025), maar een kwart verwacht juist krimp. Dat maakt het beeld minder eenduidig dan het groeicijfer op het eerste gezicht doet vermoeden. Met name uitzendbedrijven en detacheerders zijn optimistisch: plusminus 30 procent is zelfs uitgesproken positief. Dat optimisme hangt vooral samen met groei bij bestaande klanten, het aantrekken van nieuwe opdrachtgevers en een focus op specifieke niches en nieuwe groeipaden. Freelance-bemiddelaars vormen een duidelijke uitzondering en zijn beduidend negatiever over de markt. De aanhoudende onzekerheid rond de Wet DBA speelt hierbij een belangrijke rol. Die onzekerheid zit niet zozeer in de wet zelf, maar vooral in de handhaving. Zolang opdrachtgevers niet zeker weten onder welke voorwaarden zij freelancers zonder risico kunnen inzetten, blijven zij terughoudend.
Figuur 1: Omzetverwachting flexibele arbeid 2026

Tarieven stegen fors en blijven naar verwachting stijgen
In 2025 verhoogden 9 op de 10 bedrijven hun tarieven. De belangrijkste drijfveren hiervoor zijn de stijgende loonkosten, CAO-wijzigingen en regelgeving rond gelijke beloning. Deze factoren bewegen uitzenders ertoe om kosten door te rekenen aan opdrachtgevers. Slechts 3 procent van de bedrijven zag hun tarieven dalen. Voor deze kleine groep zal dit waarschijnlijk samenhangen met een afnemende vraag in delen van de markt, toenemende concurrentiedruk en sectorspecifieke ontwikkelingen, waardoor sommige partijen tarieven verlagen om opdrachten binnen te halen.
Ondernemers verwachten dat de tariefstijgingen in 2026 aanhouden. Nieuwe en aangescherpte regelgeving, loonstijgingen en indexaties zorgen opnieuw voor hogere kosten. Ook in 2026 proberen flexbedrijven de prijsstijgingen zoveel mogelijk door te rekenen aan hun opdrachtgevers. Kortom, de sector groeit, waarbij hogere tarieven een belangrijke motor achter die groei zijn. Voor opdrachtgevers wordt flexibele arbeid daarmee structureel duurder, wat op termijn druk kan zetten op de vraag.
Figuur 2: Tariefontwikkeling 2025 vs. verwachting 2026

Personeelsbestand van flexbedrijven laat voorzichtig herstel zien
Het aantal flexkrachten laat in 2025 een wisselend beeld zien: groei en krimp houden elkaar in balans. Hogere tarieven spelen daarbij een duidelijke rol. Flexwerk wordt duurder, waardoor opdrachtgevers kritischer worden bij het inzetten van extern personeel en uitbreiding minder vanzelfsprekend is.
Tussen de verschillende segmenten lopen de ontwikkelingen uiteen. Detachering laat een duidelijke omslag zien: van een verdeeld beeld in 2025 naar een overwegend positief vooruitzicht voor 2026. Dit kan samenhangen met de aanhoudende vraag naar specialistische profielen en de structurele krapte op de arbeidsmarkt, waardoor opdrachtgevers bereid blijven om capaciteit extern in te huren. Uitzenders bewegen geleidelijk in dezelfde richting en worden voorzichtiger optimistisch. In dit segment speelt mee dat de vraag naar flexibel personeel zich voorzichtig herstelt na een zwakkere periode, al blijven opdrachtgevers voorzichtig door economische onzekerheid en kostenstijgingen. Freelance-bemiddelaars blijven achter, door een zwak 2025 dat met name veroorzaakt werd door de aanhoudende onzekerheid over hoe de Wet DBA in de praktijk wordt gehandhaafd. Voor 2026 wordt echter licht herstel verwacht. Dat herstel kan samenhangen met het feit dat de markt zich geleidelijk aanpast aan de nieuwe realiteit, terwijl de behoefte aan flexibele en specialistische inzet onverminderd aanwezig blijft.
Voor 2026 wordt het beeld voorzichtig positiever: meer bedrijven verwachten groei dan krimp in het personeelsbestand. Dit ligt in lijn met de positieve omzetverwachtingen, waarbij flexondernemers aangeven dat groei niet alleen uit tariefverhogingen hoeft te komen, maar ook weer uit volume kan ontstaan.
Figuur 3: Personeelsbestand 2025 vs. verwachting 2026

Investeren in AI: noodzaak om bij te blijven
De investeringsbereidheid in de sector is opvallend hoog: 93 procent van de bedrijven is van plan om in 2026 te investeren en bijna de helft zelfs meer dan in 2025. AI speelt een centrale rol en wordt in 40 procent van de gevallen als belangrijkste investeringsfocus genoemd. Daarnaast investeren bedrijven in procesautomatisering, recruitmentsystemen en softwareoptimalisatie. Digitalisering en AI worden daarbij niet alleen gezien als een middel om efficiënter te werken, maar ook om de toenemende margedruk op te vangen en te voldoen aan strengere regelgeving. Voor veel bedrijven is investeren in technologie daarmee een noodzakelijke stap om concurrerend en compliant te blijven.
Figuur 4: Investeringsbereidheid en -focus 2026

Kleine bedrijven optimistisch, grote spelers terughoudend
Hoewel er duidelijke verschillen zijn tussen kleine en grote flexbedrijven, overheerst het optimisme richting 2026. Bij bedrijven met een omzet onder €50 miljoen is 61 procent positief over het zakelijk succes van hun organisatie. Bij grotere spelers met een omzet boven €50 miljoen ligt dit aandeel aanzienlijk lager: rond de 40 procent.
Grote bedrijven hebben vaker te maken met complexe regelgeving, meerdere CAO’s en hogere vaste kosten. De toenemende regeldruk weegt daardoor zwaarder, wat mogelijk bijdraagt aan een meer voorzichtige houding ten opzichte van 2026. Kleinere bedrijven zijn doorgaans wendbaarder en kunnen sneller inspelen op veranderende omstandigheden, wat kan verklaren waarom zij optimistischer zijn.
Figuur 5: Optimisme in de sector voor 2026 is ongelijk verdeeld

Toekomst van de sector
De flexbranche groeide in 2025 en die lijn lijkt zich door te zetten in 2026. Het karakter van die groei verandert wel. De omzet stijgt vooral door hogere tarieven en minder door een grotere inzet van flexkrachturen. Bedrijven investeren volop in technologie, vaak met een defensief doel: marges beschermen en voldoen aan strengere regelgeving.
Tegelijkertijd worden de verschillen binnen de sector steeds zichtbaarder. Kleine spelers (< €50m omzet) bewegen sneller en spelen gerichter in op veranderingen. Grotere organisaties (> €50m omzet) zijn vaker terughoudend, mede door zwaardere compliance-eisen en hogere vaste kosten. Schaalgrootte alleen biedt daarmee steeds minder vanzelfsprekend een voordeel.
Deze ontwikkeling is ook zichtbaar in de overnamemarkt. Waar waarderingen voorheen sterk samenhingen met omvang, verschuift de focus steeds meer naar de kwaliteit van de organisatie. Bedrijven die hun compliance op orde hebben, technologie effectief inzetten en zich duidelijk en onderscheidend in de markt positioneren, weten in positieve zin het verschil te maken. Aanpassingsvermogen speelt daarbij een steeds grotere rol in hoe bedrijven worden gewaardeerd.
Stijgende loonkosten, nieuwe CAO’s en wijzigingen in wet- en regelgeving zorgen voor structureel hogere tarieven, waardoor flexwerk duurder wordt. De flexmarkt propositie verschuift daarmee van kostenvoordeel naar toegang tot schaars talent en ontzorging.
Bedrijven die (blijven) concurreren op prijs komen onder druk te staan. Wie gericht investeert in technologie, compliance en niche-expertise, bouwt daarmee aan een duurzaam concurrentievoordeel.


